De man op de stadsmuur

Door Inge Jansen.

Deze week stond op de website van de Chinese staatskrant China Daily het bericht dat in de provincie Hubei 70.000 mensen moeten verhuizen om plaats te maken voor een waterweg die water van het natte zuiden naar het droge noorden moet brengen.

Het bericht deed me denken aan Yongnian, een plaatsje in de provincie Hebei waar ik onlangs was. Het stadje is vooral bekend als de bakermat van een belangrijke stijl binnen de Chinese vechtkunst taijiquan. Verder heeft het een volledig intacte stadsmuur, waarvan sommige delen uit de Ming-dynastie (1368-1644) dateren.  En vlak buiten de stad ligt een eeuwenoude brug die onlangs tot cultureel erfgoed is uitgeroepen.

Buiten de stadsmuur zijn in de loop der jaren veel huizen gebouwd. Deze huizen worden nu gesloopt om plaats te maken voor een groot toeristisch nieuwbouwproject: een “historische” stadswijk die zich uitstrekt tussen de stadsmuur en de brug. De huizen die worden afgebroken zijn niet oud en hebben geen cultuurhistorische waarde, maar het gaat wel om duizenden huizen.

Het is moeilijk erachter te komen wat de bewoners van de afbraak van hun huizen vinden. Ongetwijfeld zullen zij er genoeg geld voor terugkrijgen en zijn er mooie beloftes gedaan over betere woningen en meer werkgelegenheid door toenemend toerisme. Hoe anders is te verklaren dat ze instemmen met de sloop van hun woningen?

Op de stadsmuur van Yongnian raak ik in gesprek met een oudere man. Zijn haar springt alle kanten op en zijn bruine tanden staan schots en scheef. Al pratende begint hij steeds meer te spuien. Hij wijst naar de grond buiten de stadsmuren, waar nu de huizen worden afgebroken en de nieuwbouw historische stadswijk wordt gebouwd. “Ooit was die grond van de mensen in deze stad. Maar ‘anderen’ van buiten hebben die grond bezet. ‘Anderen’ zijn rijk geworden van die grond, terwijl de mensen binnen de stadsmuren – van wie die grond eigenlijk is – een zwaar leven leiden! Ik háát de plaatselijke politici die als honden de konten van de machthebbers likken!” Hij spuugt zijn woorden eruit, terwijl hij de hele tijd vraagt: “Versta je het? Begrijp je het? Ik wíl dat je begrijpt wat ik zeg!”

Op de stadsmuur heeft hij met zwarte verf en witte krijt hele verhalen geschreven, onder andere over een boom die slechts met moeite overleeft. Het is een indirecte manier om zijn eigen kwaadheid en verdriet te uiten. Het was duidelijk dat deze man geestelijk in de war was. Je kunt hem dus makkelijk als ‘niet helemaal goed wijs’ wegzetten, maar waarschijnlijk verwoordt hij wel een frustratie die bij veel mensen in deze stad leeft. In China is het echter praktisch onmogelijk je te verweren wanneer sterkere machten met meer invloed dan jij inbreuk op je leven maken. En dus kalkt deze oude man zijn protest in zwarte karakters en witte krijt op de stadsmuur, terwijl zijn stadsgenoten en een enkele toerist het wat meewarig en ongemakkelijk lachend gadeslaan.

Share and Enjoy:
  • Print
  • email
  • Google Bookmarks
  • Facebook
  • Twitter
  • Hyves
  • LinkedIn
  • NuJIJ
  • eKudos
  • MySpace
  • del.icio.us
 

Nieuwste verhalen in categorie Inge Jansen

 

1 reactie

 
 
 
 

En dan nog dit