Een smerig schaakspel

Vijf jaar geleden recenseerde ik voor deze site het boek ‘Ik heb geen vijanden, ik ken geen haat’ van Liu Xiaobo. Aanleiding tot het boek was de Nobelprijs voor de Vrede die aan de Chinese mensenrechtenverdediger was toegekend. Liu kon die niet ophalen, want in tegenstelling tot het Nobelcomité zien de Chinese machthebbers niets vreedzaams in zijn werk. Voor hen is hij iemand die probeert de staat omver te werpen.

Door Ate Hoekstra

Ik moest de afgelopen tijd denken aan Liu. Niet omdat ik hem persoonlijk ken of hem ooit heb ontmoet. Nee, ik moest aan die kleine Chinees met dat wetenschappersbrilletje denken vanwege de situatie in Cambodja, het land dat ik sinds bijna vijf jaar thuis noem.

De afgelopen maand zaten vijf Cambodjaanse mensenrechtenverdedigers namelijk precies een jaar in de gevangenis. In een bizarre zaak die barst van de intriges en de dramatische verhaallijnen, worden de ‘Adhoc5’ ervan beschuldigd een zekere Khom Chandaraty te hebben omgekocht.

In ruil voor dat geld zou deze jongedame, een niet onaantrekkelijke kapster, dan zwijgen over haar seksuele affaire die met een oppositieleider. Uiteraard lekte dit zogenaamd uit en de vijf mensenrechtenverdedigers werden binnen de kortste tijd achter slot en grendel gezet. Want omkoping? Dat kan natuurlijk niet in het koninkrijk van Hun Sen.

Analisten, activisten en het gros van de Cambodjanen twijfelen er niet aan dat de Adhoc5 onschuldig zijn en dat zij Chandaraty simpelweg juridische steun boden toen ze zich plots in het middelpunt van een bizar politiek schandaal bevond. Maar de autoriteiten denken daar anders over. Zij spreken van corruptie. Met die beschuldiging zitten de vijf in een van de meest beruchte gevangenissen van het land, waar ze wachten tot hun proces eindelijk begint.

Maar het wachten op dat proces duurt inmiddels meer dan een jaar. Verzoeken om de vijf op borgtocht vrij te laten worden afgewezen, want stel dat die criminele activisten het land ontvluchten? En de aanklager heeft telkens meer tijd nodig om deze blijkbaar nogal ingewikkelde zaak te onderzoeken. Nog eens zes maanden brommen, kregen de mensenrechtenverdedigers eind april te horen.

Straks zitten de Adhoc5 anderhalf jaar vast zonder ook maar tot iets veroordeeld te zijn. Slachtoffers van een door en door corrupt systeem waarin niet de rechtbank, maar de politiek bepaalt wat juist is en wie achter de tralies behoort te zitten.

In tegenstelling tot Liu Xiaobo heb ik sommigen van de Adhoc5 wel persoonlijk ontmoet. Ny Chakrya sprak ik verschillende keren over mensenrechtenschendingen her en der in Cambodja. Een verstandig man die zijn woorden zorgvuldig afweegt en voor wie het belang van de gewone – in Cambodja vaak onderdrukte – man altijd centraal staat. En Nay Vanda, een veelgeziene gast bij demonstraties en protesten die hij met een uiterst serene kalmte observeerde. Kwamen we elkaar tegen, dan schudden we elkaar de hand en voerden we een kort gesprek.

Van Liu Xiaobo weten we in ieder geval hoe lang hij nog vast zal zitten (hij kreeg 11 jaar cel in 2009). Van de Adhoc5 hebben we geen idee. Ze zouden eind oktober vrij kunnen komen. Maar dit is Cambodja, een land waar alles politiek wordt gemaakt en waarin deze vier mannen en één vrouw een schaakstuk zijn in een spel waarbij de regels telkens veranderen.

De enige zekerheid die deze vijf mensenrechtenverdedigers hebben is dat ze worden gestraft omdat ze de moed hadden op te komen voor de rechten van anderen. Elke dag achter de tralies is er dan ook één te veel.

 

Ate Hoekstra werkt sinds juni 2012 als correspondent in Cambodja, Thailand, Myanmar, Vietnam en Laos. Sinds april 2016 schrijft hij op onregelmatige tijden een column voor De Aziatische Tijger.

Share and Enjoy:
  • Print
  • email
  • Google Bookmarks
  • Facebook
  • Twitter
  • Hyves
  • LinkedIn
  • NuJIJ
  • eKudos
  • MySpace
  • del.icio.us
 

Nieuwste verhalen in categorie Ate Hoekstra

 

Geen reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

 

 
 
 
 

Nieuws