Lou Reed in de metro

Het was een mooi restaurant. Centraal gelegen aan Damuqiao Road, makkelijk te vinden en met geschikte prijzen. Bovendien was het er rond etenstijd altijd druk, wat bij het vinden van een restaurant in China een gouden handregel is. Zit een restaurant elke avond vol met lokale bevolking, dan betekent het dat je er goed en goedkoop kunt eten.

Door Ate Hoekstra
Afbeelding Lou Reed: www.vectorportal.com

Staan de tafels er elke avond verlaten bij, dan is het niet verstandig ook maar één stap binnen te zetten. Ruim een week geleden bedacht ik me dan ook dat ik absoluut een keer in dit restaurant moet eten, want het is niet alleen uitermate populair, het is ook nog eens vlakbij mijn appartement. Ik maakte een afspraak met mezelf: binnen nu en drie weken ga ik hier een keer dineren.

China_Leshan_20120513_00217

Foto: André van Bel

Tornado

Dat diner kan ik nu wel vergeten. Zat het er woensdagavond nog vol met klanten, afgelopen donderdag hebben slopers de boel kort en klein geslagen. Het lijkt wel of er een tornado in het restaurant heeft gewoed. Muren zijn leeggehaald, vloerbedekking is met harde hand verwijderd, stof dwarrelt nog in het rond. Het personeel staat niet meer in de keuken en loopt niet langer met kommen vol rijst en noodels heen en weer, maar zit op straat en verkoopt de inboedel, het bestek, de borden en de glazen aan de buurtbewoners. Oude en jonge Chinese vrouwtjes staan om hen heen. Ze keuren de messen en vorken, ze kijken of er niet te veel krassen op de borden zitten en onderhandelen met de obers en bediendes. De meeste mensen lopen door en kijken niet op of om naar het restaurant dat van binnen helemaal in puin ligt. Ik blijf staan en weet dat dit niet uitzonderlijk is. In Shanghai is het een komen en gaan van restaurants, clubs en bars. Voor je het weet is er een nieuwe eetgelegenheid en het kan heel goed zijn dat je vanavond bier drinkt in een kroeg die morgen niet meer bestaat.

Maiskolf

Verderop in de straat zit een oude Chinese vrouw. Leeftijden schatten is altijd gevaarlijk, maar als ik een gok moet doen zou ik zeggen datChinaSjanghaiSteeg ze dik in de zeventig is. Ze zit op een stoel, die samen met een klein tafeltje en nog twee stoelen op het voetpad is neergezet, tussen de scooters, fietsen en vuilnisbakken in. Haar grijze haar reikt tot aan haar schouders en ze mist een paar voortanden. De vrouw eet een maïskolf en roept iets naar een jongen die voorbijrijdt op een elektrische scooter. De jongen stopt, roept iets terug en rijdt weer verder. Hij rijdt aan de verkeerde kant van de weg en net zoals de meeste scooterrijders draagt hij geen helm, maar er is niemand die zich daar druk over maakt. Zolang hij de andere verkeersgebruikers maar niet in de weg zit. Doet hij dat wel, dan claxonneren ze naar hem en wordt er iets geschreeuwd. De jongen zal dan iets terugschreeuwen en ook eens op zijn claxon drukken, want zo gaat dat hier. In het verkeer moet je schreeuwen, claxonneren, voorrang nemen en snel weer doorrijden. Zelfs een ambulance die de alarmsignalen op volle sterkte heeft gezet, krijgt hier niet zomaar voorrang en moet vechten om zijn plekje in het verkeer.

TsingTaoBierBulldog Pub

Als ik verder loop voel ik een licht gebonk in mijn hoofd. Te veel gedronken gisteravond? Vier, misschien vijf flesjes Tsingtao, dus dat valt wel mee. We zaten in de Bulldog Pub, een Engelse pub in de French Concession. Af en toe ben ik daar om wat te drinken en bij te praten met een paar vrienden. Gisteravond werden James uit Engeland en ik door James uit Canada volledig ingemaakt bij het poolbiljart. De Engelse James zat van tevoren nog op te scheppen over zijn biljartprestaties van een paar jaar terug, maar tegen die rustig spelende Canadees kon hij niet op. “Come on Raymond, you can do it!” riep de Engelse James telkens naar mij, toen ik het tegen de andere James opnam. Sinds ik de Engelsman twee weken terug met darten heb ingemaakt noemt hij mij Raymond, naar Raymond van Barneveld, de beroemde darter uit Den Haag. In Engeland is James advocaat. Het is een boom van een  kerel die veel lacht en met iedereen een gesprek aangaat. Nadat hij met pool was ingemaakt stelde James voor zoveel mogelijk darts in de roos te gooien. “Come on Raymond, we gaan darten”, zei hij. “Moet ik je nu inmaken?” vroeg ik. James lachte Pooltafelen gooide de eerste pijltjes richting het dartbord. Hij had geen geluk vanavond en kwam nauwelijks in de buurt van de roos. Ik ook niet, dus bestelden we nog een Tsingtao en keken we toe bij de pooltafel. Daar werd een stevige, donkergekleurde Fransman door een Chinees meisje ingemaakt. De Fransman kwam nauwelijks aan spelen toe en lachte om de onmacht. James lachte vrolijk met hem mee en schudde zijn hand toen de Chinese de laatste bal potte.

Metrostation

Voor het metrostation, niet ver bij het maïskolf etende vrouwtje vandaan, staat een groep van zes of zeven man. Ze hebben allemaal een helm op en ze zijn stuk voor stuk van middelbare leeftijd. Hun motoren staan dichtbij, de mannen wachten op mensen die uit de metro komen en een rit nodig hebben naar hun bestemming van vandaag. Het lijkt op een goed lopende business. Regelmatig stapt er iemand achterop, waarna de motor in het krioelende verkeer verdwijnt. Soms, als ik uit het metrostation kom, word ik aangesproken door een dergelijke motorrijder. “Ni hao”, zegt hij dan, waarna nog een aantal woorden in het Chinees volgt en hij vriendelijk naar het zadel van zijn motorfiets gebaart. Vandaag kijken de motorrijders niet naar me op. Ik ben niet interessant, alleen de passagiers die uit de metro komen hebben hun aandacht.

 

Lou Reed

Ik Lou Reedstap in de metro en ga op de paarskleurige bank zitten. Net als gisteren komt even later Lou Reed voorbijlopen. Het is niet de echte Lou Reed, maar als er ooit een Chinees evenbeeld van de zanger wordt gezocht is dit hem. Zwarte kleding, zwarte schoenen, zwart haar, tatoeages op beide armen, vermagerd gezicht, zilveren ringen, een jaar of vijftig misschien zestig en achter zijn zonnebril gaat ongetwijfeld een koele blik schuil. Hij dwaalt op nonchalante wijze door de metro met als enige bagage een bierblikje in zijn linkerhand. Ik vraag me af waar hij naartoe gaat, maar verlies hem halverwege de rit uit het oog. Hij heeft vast belangrijke dingen te doen in deze metropool. Misschien een optreden met zijn band, misschien een afspraakje met een beeldschone vrouw. Of misschien is hij gewoon op zoek naar inspiratie. In dat geval is hij op de juiste plek.

Vandaag Rijst, morgen Rijst

‘Lou Reed in de metro’ is afkomstig uit het boek ‘Vandaag rijst, morgen rijst – Negentig dagen in China’ (2011). Daarin vertelt Aziatische Tijger redacteur Ate Hoekstra over drie maanden wonen, werken en reizen in China. Een groot deel van de verhalen speelt zich af in Shanghai. Dit verhaal is eerder op deze site verschenen op 27 juni 2011

Share and Enjoy:
  • Print
  • email
  • Google Bookmarks
  • Facebook
  • Twitter
  • Hyves
  • LinkedIn
  • NuJIJ
  • eKudos
  • MySpace
  • del.icio.us
 

Nieuwste verhalen in categorie Reisverhalen

 

Geen reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

 

 
 
 
 

En dan nog dit