Voor altijd verliefd op Laos

Al voor mijn vertrek had een Nederlandse fietsenmaker mij zo ongeveer recht in mijn gezicht uitgelachen toen ik vroeg of hij mijn fiets, waarop ik Vietnam, Laos en Cambodja mee wilde doorkruisen, kon nakijken. Hij vond het een ‘exotische fiets,’ die bestond uit op zich prima onderdelen, maar die op een kinderlijke manier aan elkaar gezet waren. Ach, ik repareer mijn trouwe omafiets in Rotterdam ook al jaren met plakband en elastiekjes. Maar het was hoe dan ook niet vreemd dat mijn fiets het al na een slordige 600 kilometer begaf.

Dimitrie Patoir

Al lag dat niet echt aan mijn tweedehands Aldi fiets. Een paar dagen geleden hadden mijn vriendin en ik na een pittige klim van 24 km de Vietnamees – Laotiaanse grens bereikt. En omdat het regende en koud was, hebben we vanaf de grens een lift genomen naar de toeristisch iets meer ontwikkelde stad Phonsavanh (overigens, in Laos is het begrip stad relatief: midden in Phonsavanh liggen rijstvelden en zelfs de hoofdstad Vientiane voelt aangenaam provinciaals). Die lift scheelde weer twee dagen in dorpen met rieten hutjes slapen en vooral veel klimmen, heel veel klimmen. Ik weet namelijk niet wie de Laotiaanse wegenbouwkundig ingenieur is, maar ik moet nog een hartig woordje met hem spreken: hij heeft besloten dat elke weg dwars over de top van elke berg moet lopen in plaats van door het rivierdal, wat zo veel praktischer zou zijn. En Laos is erg bergachtig!

Buitenspiegel

Maar goed, na 10 minuten in de auto deed een tegemoet komende vrachtwagen een goede poging het uitstekende stuur van
mijn fiets af te rijden met zijn buitenspiegel. Dit kostte hem zijn buitenspiegel, ons allebei een uur discussie over wiens fout het nou is
(Aziaten houden niet van gezichtsverlies, dus niemand kan zo’n discussie ooit winnen), en mij op het oog alleen een licht verbogen en verplaatst stuur. De volgende dag was ik nog trots dat ik dit, gewapend met mijn trouwe Engelse sleutelset zelf kon repareren. Maar toen we na een paar dagen rust weer verder fietsten, hoorde ik ineens een harde KRAK. Dat bleek mijn achterderailleur, voor mensen die net zo technisch zijn als ik: een apparaat aan je achterwiel dat ervoor zorgt dat je van versnelling kan wisselen. Die was afgebroken en had zich vakkundig in mijn spaken gevlochten. Gelukkig was ik bezig aan een van de vele kilometers omhoog in Laos, zodat ik zelf weinig last had dat ik ineens stil stond – ik merkte dat maar net. Na een lift naar de volgende kruising (110 kilometer, er zijn niet zoveel wegen in Laos), heeft een scootermecanicien een en ander aan elkaar gelast en inmiddels is mijn fiets weer redelijk aan de praat.

Luang Prabang

Al durfde ik er niet de laatste 130 km naar Luang Prabang mee te fietsen (als ie ineens weer afbreekt midden in een lange afdaling, is dat niet zo fijn – eerst maar even goed testen op vlakkere ondergrond). Omdat Esther dit stuk twee jaar geleden al heeft gedaan, is zij met mijn fiets en onze bagage met de bus gegaan en ben ik op haar fiets gaan fietsen. Dwars door de bergen, afwisselend mist, regen, zon, hitte en kou, af en toe een klein dorpje met niet meer dan een paar bamboe huizen op palen en een paar gezellig rondscharrelende varkens.

Overal dezelfde slaperige sfeer, de verlegen en vriendelijke bevolking. Bij aankomst in Luang Prabang ben ik moe en voldaan, maar bovenal voor altijd verliefd op Laos.

Share and Enjoy:
  • Print
  • email
  • Google Bookmarks
  • Facebook
  • Twitter
  • Hyves
  • LinkedIn
  • NuJIJ
  • eKudos
  • MySpace
  • del.icio.us
 

Nieuwste verhalen in categorie Laos

 

Geen reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

 

 
 
 
 

Nieuws